Hier vind je uitleg en inspiratie bij enkele nieuwe vakken Woord.

Improvisatietheater

Vierde graad, 1 uur per week in combinatie met dramalab, 1 uur per week.

Om je te bekwamen in improvisatie werk je zonder vaststaande tekst. Je krijgt een keur van improvisatietechnieken van o.a. Keith Johnstone, één van de grondleggers van het hedendaags improvisatietheater en de theatersport. Je ontwikkelt je fantasie, mimiek, lichaam en stem om gestalte te geven aan types en karakters.

Je krijgt technieken uit de Method Acting, maskeroefeningen (o.a. Commedia Dell’Arte) en bootst dieren, objecten en oerelementen na, niet met de bedoeling de werkelijkheid te imiteren maar om deze te transformeren naar een eigen innerlijke beleving en weergave.

Je gaat te rade bij niet-Westerse theatervormen waar het fysieke doorgaans belangrijker is dan in onze theatercultuur.

Vertrekkend vanuit de “5 w’s” en de “hoe” van Stanislawski ‘ (wie, wat, waar, wanneer en waarom – hoe zet ik dit om in een uitbeelding van situaties) kom je tot het bedenken van scènes en in een later stadium zelfs een zelf gemaakte voorstelling waarbij muziek, dans en beeldende kunsten verwerkt kunnen worden.

Rap en Slampoetry

Vierde graad, 2 uur per week, zaterdag van 10u-11u.

Voor zij die rondlopen met ongesproken woorden
Ongehoord
Voor zij met woorden diep geworteld, maar on-ontloken
Ongehoord
Voor zij die ‘t vertikken in de kiem te smoren
Ongehoord
Voor zij die geloven dat woorden kunnen doden
Ongehoord.

Theater maken

Vierde graad, 1 uur per week in combinatte met dramalab, 1 uur per week.

De cursus theater leert leerlingen vertel- en speltheater zelfstandig een voorstelling, poëzieprogramma of tekstcollage maken.
Je ontwikkelt de verteller, acteur, auteur en regisseur in jezelf.
Met je leraar als coach bepaal je mee het productieproces vanA tot Z.
Je ontwikkelt je eigen visie. Je ontdekt wat je zelf wil vertellen en hoe je dit wil verbeelden.

Vertrekkende vanuit je eigen interesses en talenten groeit een productie waarbij je je kan engageren in zowel het bedenken van een thema, verhaallijn, karakters, het schrijven, ensceneren, muziek zoeken of componeren, beeldmateriaal zoeken of maken, decor en kostuums bedenken, het promoten van de voorstelling en de vertolking.

Contacteer de coördinator woord voor een antwoord op je vragen.